kleuterklasIn het reguliere onderwijs noemt men de kleutergroep groep 1 en 2. Op de vrijeschool blijven we van kleuterklassen spreken om het eigene van deze periode tot zijn recht te laten komen. De kleuters verkeren nog in een verwonderde, dromerige staat. Zij krijgen nog geen les, maar 'leren' en groeien op een andere manier. Bijvoorbeeld via het vrije spel. Er zijn weinig jaren in het leven waarin zoveel geleerd wordt als in de kleutertijd. Een kleuter leert spelend, al doende, nabootsend en ontdekkend. Leren met het hoofd gaat voorbij aan het wezen van de kleuter. Het pedagogische uitgangspunt is dan ook: doen.

In de warme en omhullende sfeer van de kleuterklas schept de leid(st)er de tijd, de mogelijkheden en de ruimte waarbinnen elk kind zich geborgen weet en tot ontplooiing kan komen. Er wordt eenvoudig speelgoed van natuurlijk materiaal aangeboden. Hierdoor worden de kinderen steeds weer uitgenodigd tot uitgebreid fantasiespel en sociaal gedrag. De bankjes en tafels worden vliegtuigen, huizen, evenwichtsbalken, boten, een mollengang; wat ze maar bedenken.

Kinderen hebben behoefte aan ritme. Ritme in de dag, de week, het jaar. Het biedt zekerheid, vertrouwen en bouwt zo mee aan een stevige levensbasis. Door veelvuldige ritmische herhalingen oefent het kind en ontwikkelt het vaardigheden en vermogens. Baby, peuter en kleuter hebben een natuurlijke ritmische drang, die verbonden is met de opbouwende levensprocessen. Daarom speelt in de kleutergroepen de indeling van de dag, de week en het jaar een grote rol. Bij de opbouw van de ochtend houdt de leid(st)er rekening met de afwisseling van spanning en ontspanning. Elke dag van de week heeft een eigen activiteit, bijvoorbeeld schilderen, bakken of knutselen. De jaarfeesten zijn als gouden kralen in de ketting van dagen en weken. Ze worden met de kleuters intensief voorbereid en helpen de kinderen het jaarritme te beleven.

Zingen doen de kleuters veel, ook de handen en de voeten komen hierbij in beweging. Ze zingen bij de dagopening, bij de spelletjes, bij het spelen gaan, voor de maaltijd, bij de vertelling en bij de dagafsluiting. Er zijn kringspelletjes met flink veel bewegen en zingen, en vingerspelletjes voor het oefenen van de motoriekvan de handen. De vertellingen bestaan vooral uit sprookjesverhalen.

crea vrije school